In het late Hadeïcum (ruwweg tussen 4,1 en 3,8 miljard jaar geleden) begonnen moleculen zich te organiseren in eenvoudige ‘omhulsels’. Hieruit ontstonden protocellen: primitieve, cel-achtige structuren die bestaan uit blaasjes begrensd door membranen die spontaan gevormd werden door amfifiele moleculen (moleculen met een waterminnend en vetminnend deel). Deze protocellen worden gezien als mogelijke voorlopers van moderne cellen en speelden waarschijnlijk een belangrijke rol in de overgang van een oersoep van moleculen naar de eerste levensvormen op aarde.

Maar hoe, wanneer en waar die protocellen ontstonden, begrijpen wetenschappers nog niet zo goed. Want het is nog onduidelijk hoe de bouwstenen waaruit protocellen bestaan op de vroege aarde precies zijn gevormd. Dit project onderzoekt met experimenten welke protocellen gevormd zouden kunnen hebben en of die dan stabiel konden blijven tijdens het late Hadeïcum. Uiteindelijk kijken de onderzoekers naar welke ‘omhulsels’ in die periode als protocellen konden functioneren en hoe stabiel die waren onder Hadeïsche omstandigheden.
