Aan de rand van ons zonnestelsel hebben ijsmanen zoals Enceladus (van Saturnus) en Europa (van Jupiter) vloeibare oceanen onder een dikke ijskorst. Deze oceanen worden gezien als een van de meest veelbelovende plekken voor buitenaards leven, ondanks dat ze sterk verschillen van de aarde.
Door deze werelden te bestuderen kunnen we beter begrijpen onder welke extreme omstandigheden leven kan ontstaan of juist niet, en of er mogelijk leven in ons zonnestelsel aanwezig is.

Hoewel mensen deze oceanen voorlopig niet direct kunnen bereiken of bemonsteren, ontsnapt er soms toch vloeistof en gas (met zouten en organisch materiaal) naar het oppervlak. Dat gebeurt op drie manieren. Ten eerste kan oceaanwater via scheuren in het ijs naar boven komen en daar snel bevriezen. Ten tweede kunnen druppeltjes vloeistof met krachtige uitbarstingen (pluimen) omhoog worden geslingerd en onderweg bevriezen. Ten derde kan waterdamp in die pluimen afkoelen en ijskorrels vormen.
Dit project onderzoekt experimenteel deze drie processen die materiaal van de oceaan naar het oppervlak brengen. Daarnaast wordt gekeken hoe straling de samenstelling verandert van de vloeistoffen en het ijs dat het oppervlak van de manen bereikt. Onderzoekers gebruiken waarnemingen met de James Webb-ruimtetelescoop van een aantal geselecteerde manen om iets te leren over de oceanen eronder en de oorsprong van het ruimtemateriaal waaruit deze manen zijn gevormd.
